De Grote Markt in Haarlem vormt woensdag 26 augustus het decor voor een bijzondere militaire ceremonie. Jonge militairen van het Regiment Huzaren van Boreel leggen er in het openbaar hun eed of belofte af. Voorafgaand aan de beëdiging trekt een militaire colonne door de Haarlemse binnenstad. Een bijzonder moment voor de militairen zelf, maar ook voor Haarlem: de geschiedenis van het regiment en de Nederlandse cavalerie is al meer dan tweehonderd jaar met de stad verbonden.

Militaire ceremonie midden in Haarlem

De beëdigingsceremonie begint woensdag om 14.00 uur op de Grote Markt. Burgemeester Jos Wienen opent de plechtigheid met een toespraak.

Voorafgaand aan de ceremonie trekt een ongeveer honderd meter lange militaire colonne door het centrum van Haarlem. De militairen vertrekken om 13.40 uur vanaf de Dreef en gaan via het Houtplein en de Grote Houtstraat richting de Grote Markt. Aan de optocht nemen militairen te voet en te paard deel. Ook rijden enkele kleine militaire voertuigen mee. Na afloop van de beëdiging keert de colonne via dezelfde route terug naar de Dreef.

De wegen worden voor de optocht niet afgesloten. Wel kan het verkeer korte tijd hinder ondervinden wanneer de militaire colonne passeert. Belangstellenden zijn van harte welkom om langs de route of op de Grote Markt de optocht en ceremonie bij te wonen.

De eed of belofte: meer dan een ceremonieel moment

Voor de militairen die vandaag op de Grote Markt staan, vormt de beëdiging een belangrijk moment in hun militaire loopbaan. Met het afleggen van de militaire eed of belofte spreken zij in het openbaar hun verbondenheid uit met hun taak, de krijgsmacht en de verantwoordelijkheden die bij het militair zijn horen. Het is daarmee veel meer dan uitsluitend een militaire traditie of ceremonieel gebruik. De militair verklaart zich bereid zijn of haar functie naar eer en geweten uit te oefenen en de verplichtingen die bij het militaire ambt horen te aanvaarden.

Voor veel veteranen zal het moment herkenbaar zijn. Ook zij hebben ooit aan het begin van hun militaire loopbaan de eed of belofte afgelegd. Soms tientallen jaren geleden, maar vaak is het een moment dat in het geheugen blijft. De militairen die vandaag op de Grote Markt worden beëdigd, staan aan het begin van een loopbaan waarin kameraadschap, verantwoordelijkheid, inzetbaarheid en dienstbaarheid een belangrijke plaats innemen.

Een regiment met Haarlemse wortels

Dat juist het Regiment Huzaren van Boreel voor deze ceremonie naar Haarlem komt, is geen toeval.

De geschiedenis voert terug naar 1813. Willem François Boreel kreeg op 25 november van dat jaar opdracht om een nieuw regiment huzaren op te richten. De werving voor dit nieuwe legeronderdeel begon onder andere in Haarlem. Uit deze eenheid ontstond uiteindelijk het huidige Regiment Huzaren van Boreel.

De militairen van Boreel werden vanwege de kleur van hun uniform ook wel de Lichtblaauwe Hussaren van Boreel genoemd. Daarmee begon ruim tweehonderd jaar geleden een militaire geschiedenis die Haarlem langdurig met de Nederlandse cavalerie zou verbinden.

Haarlem als garnizoensstad: de Koudenhorn

Een van de plekken die nog altijd herinnert aan die geschiedenis is de Koudenhorn. Waar tegenwoordig het politiebureau aan Koudenhorn 2 is gevestigd, bevond zich in de negentiende eeuw een kazerne waarin manschappen van het Haarlemse garnizoen werden ondergebracht.

Tot het begin van de negentiende eeuw was het gebruikelijk om militairen bij burgers in te kwartieren. Rond 1810 wilde het Haarlemse stadsbestuur daarvan af. Het voormalige Diaconiehuis aan de Koudenhorn werd daarom ingericht als legerplaats voor de soldaten van het garnizoen. Officieren en onderofficieren bleven aanvankelijk nog verspreid over de stad gehuisvest. De Koudenhornkazerne werd daarmee een belangrijk onderdeel van militair Haarlem.

Naarmate de krijgsmacht en de behoefte aan goede militaire huisvesting zich verder ontwikkelden, voldeed de oude kazerne echter steeds minder. Er ontstonden plannen voor een veel groter complex dat speciaal voor de cavalerie zou worden ingericht.

De Cavaleriekazerne aan de Kleverlaan

In 1877 besloot de Minister van Oorlog dat Haarlem een nieuwe cavaleriekazerne moest krijgen. De locatie werd gevonden aan de Kleverlaan, ten noorden van de oude binnenstad. In 1882 begonnen de voorbereidingen en in 1883-1884 verrees hier een omvangrijk militair complex.

De nieuwe Cavaleriekazerne was volledig ingericht op het functioneren van cavalerie-eenheden. Naast het monumentale hoofdgebouw beschikte het terrein onder meer over een manege, smederij, foeragegebouw, dienstwoningen en verschillende paardenstallen. Er was ruimte voor vier cavalerie-eskadrons met staf en ruim 300 paarden. Een groot deel van het terrein diende als exercitieveld. Onder andere het 2e Regiment Huzaren maakte gebruik van de Haarlemse kazerne en richtte er paarden af.

Wie zich het Haarlem van rond 1900 probeert voor te stellen, krijgt daarmee een heel ander beeld dan tegenwoordig. Op en rond de Kleverlaan waren honderden militairen en paarden aanwezig. Huzaren werden er opgeleid, paarden verzorgd en getraind en op het exercitieterrein vonden militaire oefeningen plaats.

Cavalerie-Paardendepot Haarlem

De betekenis van Haarlem voor de cavalerie blijkt ook uit het bestaan van het Cavalerie-Paardendepot te Haarlem. Dit depot werd in 1905 opgericht en bleef tot 1925 bestaan. In de militaire administratie zijn uit deze periode nog stamboeken en registers bewaard gebleven. De aanwezigheid van zo’n paardendepot onderstreept dat Haarlem niet slechts incidenteel militairen huisvestte, maar gedurende langere tijd daadwerkelijk onderdeel vormde van de infrastructuur van de Nederlandse cavalerie.

Van paard naar motorvoertuig

De krijgsmacht veranderde in de eerste decennia van de twintigste eeuw snel. Eeuwenlang was het paard het belangrijkste vervoermiddel van de cavalerist geweest, maar gemotoriseerde voertuigen namen steeds meer taken over. In 1922 vertrok de cavalerie uit de Haarlemse kazerne en werd het complex vervolgens door andere onderdelen van de Koninklijke Landmacht gebruikt. De voormalige stallen en rijvoorzieningen kregen in de loop der tijd nieuwe functies als garages en werkplaatsen.

De overgang van paard naar motorvoertuig werd daarmee ook letterlijk zichtbaar op het Haarlemse kazerneterrein. Toch verdwenen de traditionele taken van de cavalerie niet. Verkennen, waarnemen, snel optreden en informatie verzamelen bleven essentieel. Alleen de middelen waarmee dat gebeurde veranderden.

Van Cavaleriekazerne naar Ripperdakazerne

De kazerne aan de Kleverlaan heette aanvankelijk simpelweg Cavaleriekazerne. Pas in 1934, bij het vijftigjarig bestaan van het complex, kreeg zij de naam Ripperdakazerne. Daarmee werd opnieuw een verbinding gelegd met de militaire geschiedenis van Haarlem. De kazerne werd vernoemd naar Wigbolt Ripperda, die een belangrijke rol speelde bij de verdediging van Haarlem tijdens het Beleg van Haarlem in 1572-1573.

Ripperda werd na de val van de stad gevangengenomen en op 16 juli 1573 op de Grote Markt geëxecuteerd. Daarmee krijgt ook de locatie van de beëdiging van vandaag onbedoeld nog een extra historische dimensie: op dezelfde Grote Markt waar de militaire geschiedenis van Haarlem op verschillende momenten tastbaar werd, treedt vandaag een nieuwe generatie militairen naar voren.

De Ripperdakazerne in de twintigste eeuw

Na het vertrek van de cavalerie bleef de Ripperdakazerne nog zeventig jaar een militaire functie houden. Verschillende onderdelen van de Koninklijke Landmacht maakten gebruik van het complex. Ook tijdens de mobilisatie aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog speelde Haarlem als garnizoensstad een rol. Na de Tweede Wereldoorlog keerden Nederlandse militairen terug op het terrein. Onder andere rijopleidingen voor militaire voertuigen vonden er plaats.

Pas eind 1992 verlieten de laatste militairen het complex. De gemeente Haarlem kocht het voormalige kazerneterrein later van Defensie en het gebied werd herontwikkeld tot een woon- en werkgebied. Gelukkig bleef een belangrijk deel van de historische bebouwing behouden. Het monumentale hoofdgebouw, het voormalige foeragegebouw, de maneges en andere gebouwen herinneren nog altijd aan de tijd waarin dit deel van Haarlem dagelijks het domein was van militairen en, in de cavalerietijd, honderden paarden.

Van huzaren te paard naar moderne verkenners

Het Regiment Huzaren van Boreel bestaat nog altijd, maar de hedendaagse huzaren hebben vanzelfsprekend weinig meer gemeen met de ruiters die in de negentiende eeuw door Haarlem reden. De middelen veranderden, maar de kern van een belangrijk deel van het werk bleef herkenbaar: verkennen en observeren. Moderne verkenningseenheden verzamelen informatie over terrein, omstandigheden en mogelijke tegenstanders. Hiervoor beschikken zij over moderne voertuigen, waarnemingsmiddelen, sensoren en communicatiesystemen. De verzamelde informatie draagt bij aan het beeld op basis waarvan commandanten operationele beslissingen kunnen nemen.

Het Regiment Huzaren van Boreel en zijn voorgangers kennen bovendien een lange operationele geschiedenis. Op de standaard van het regiment staan onder andere de wapenfeiten Quatre-Bras en Waterloo 1815, de Tiendaagse Veldtocht 1831, Java en Sumatra 1946-1949 en Uruzgan 2006-2010 vermeld. Meer dan twee eeuwen militaire geschiedenis komen daarmee samen in één regiment.

Van 1813 naar 2026

Juist die geschiedenis maakt de beëdiging van vandaag op de Grote Markt bijzonder. In 1813 begon in Haarlem de werving voor het nieuwe cavalerieregiment van Willem François Boreel. In de negentiende eeuw waren militairen van het Haarlemse garnizoen ondergebracht aan de Koudenhorn. Vanaf 1884 vormde de grote Cavaleriekazerne aan de Kleverlaan het thuis voor cavaleristen en honderden paarden. Generaties militairen werden in Haarlem gehuisvest, opgeleid en voorbereid op hun militaire taak. De paarden verdwenen uiteindelijk uit het straatbeeld. De cavalerie werd gemechaniseerd. De Koudenhorn kreeg een andere bestemming en de Ripperdakazerne werd uiteindelijk een woon- en werkgebied. Maar de militaire geschiedenis van Haarlem verdween niet.

En vandaag, meer dan tweehonderd jaar nadat in Haarlem militairen werden geworven voor het regiment van Boreel, staan opnieuw jonge militairen in het hart van de stad. Niet als de Lichtblaauwe Hussaren van 1813 en niet als de cavaleristen die ooit vanaf de Kleverlaan te paard vertrokken, maar als militairen van een moderne Koninklijke Landmacht. Op de Grote Markt komen daarmee geschiedenis, traditie en toekomst letterlijk bij elkaar.

Een verbinding tussen generaties

Voor aanwezige veteranen heeft een beëdiging vaak nog een extra betekenis. Waar de jonge militairen op de Grote Markt nog aan het begin van hun militaire loopbaan staan, kunnen veteranen terugkijken op hun eigen tijd binnen de krijgsmacht, hun kameraadschappen, oefeningen, uitzendingen en ervaringen.

Ook voor hen begon het ooit met opleiding, uniform, militaire vorming en uiteindelijk die eed of belofte. Generaties verschillen. De krijgsmacht verandert. De omstandigheden waaronder militairen dienen veranderen. Maar de keuze om als militair verantwoordelijkheid te dragen en zich in dienst te stellen van Nederland vormt een verbinding tussen de militairen van toen en nu.

Kom kijken op de Grote Markt

Veteranen Kennemerland nodigt veteranen en andere belangstellenden uit Haarlem en omgeving dan ook graag uit om de militaire optocht en beëdiging bij te wonen.

Programma woensdag 26 augustus 2026

  • 13.40 uur: vertrek militaire colonne vanaf de Dreef
    Route via Houtplein – Grote Houtstraat – Grote Markt
  • 14.00 uur: aanvang beëdigingsceremonie op de Grote Markt
  • Toespraak door burgemeester Jos Wienen
  • Afleggen van de eed of belofte door jonge militairen van het Regiment Huzaren van Boreel
  • Na afloop vertrekt de colonne via dezelfde route terug richting de Dreef

De ceremonie is openbaar en vrij toegankelijk.

Voor wie vandaag in Haarlem is, is dit een bijzondere gelegenheid om van dichtbij kennis te maken met de Koninklijke Landmacht en met een regiment waarvan de geschiedenis meer dan tweehonderd jaar geleden mede in Haarlem begon.

Veteranen Kennemerland wenst alle militairen die vandaag hun eed of belofte afleggen een mooie en waardige ceremonie toe en veel succes in hun verdere militaire loopbaan.

Traditie wordt doorgegeven van generatie op generatie. Eens militair, altijd verbonden.